Ga naar de inhoud

Ben jij al Donor? Ja - Nee

Afbeelding voor tijelijke vulling

Overlevingscurves

Hoe succesvol zijn orgaantransplantaties op de langere termijn? De zogenoemde transplantaatoverlevingscurves (Kaplan Meier-curves) geven weer hoeveel procent van de getransplanteerde organen drie of vijf jaar na transplantatie nog goed functioneert. De grafieken zijn gebaseerd op de gegevens uit de Nederlandse Orgaantransplantatieregistratie (NOTR). De NOTR registreert follow-upgegevens van nier-, alvleesklier-, lever-, hart-, long- en hoornvliestransplantaties en van levende nierdonoren in Nederland. 

Overlevingscurve nier

De verticale as geeft het percentage nieren weer dat na transplantatie functioneert. De horizontale as geeft de tijd in jaren aan, gemeten vanaf de dag waarop de transplantatie plaats heeft gevonden. De gegevens zijn exclusief de gecombineerde transplantaties. Ook niet meegerekend zijn die mensen die zijn overleden terwijl hun getransplanteerde donornier nog werkte.

De grafiek toont het verschil tussen overleving van een getransplanteerde nier na donatie bij leven (de bovenste lijn in onderstaande grafiek) in vergelijking met een nier na postmortale donatie (de onderste lijn in onderstaande grafiek). Na 5 jaar functioneert gemiddeld 84 procent van de nieren afkomstig van levende donoren en 70 procent van de nieren van overleden donoren.

Nier: deze grafiek laat het verschil zien tussen overleving van een getransplanteerde nier na donatie bij leven in vergelijking met een nier na postmortale donatie.

Overlevingscurve lever

De verticale as geeft het percentage organen weer dat functioneert na transplantatie. De horizontale as geeft de tijd in jaren aan, gemeten vanaf de dag waarop de transplantatie plaats heeft gevonden. De gegevens zijn exclusief de gecombineerde transplantaties. Ook niet meegerekend zijn die mensen die zijn overleden terwijl hun gestransplanteerde donorlever nog werkte.

De grafiek toont dat in de eerste weken na transplantatie van de lever gemiddeld circa 10 procent van de transplantaten ophoudt met functioneren. Daarna neemt de overlevingskans steeds minder snel af. Na 5 jaar functioneert gemiddeld 66 procent van de getransplanteerde levers.

Lever: deze grafiek laat zien dat 5 jaar na de transplantatie 66 procent van de transplantaten functioneert.

Overlevingscurve alvleesklier

De verticale as geeft het percentage organen weer dat functioneert na transplantatie. De horizontale as geeft de tijd in jaren aan, gemeten vanaf de dag waarop de transplantatie plaats heeft gevonden. De gegevens zijn exclusief de gecombineerde transplantaties. Ook niet meegerekend zijn die mensen die zijn overleden terwijl hun getransplanteerde alvleesklier nog werkte. 

De grafiek laat zien dat 5 jaar na de alvleeskliertransplantatie gemiddeld 72 procent van de donororganen nog steeds werkt.

Pancreas: deze grafiek laat zien dat 5 jaar na de transplantatie 72 procent van de transplantaten functioneert.

Overlevingscurve hart

De verticale as geeft het percentage donororganen weer dat functioneert na transplantatie. De horizontale as geeft de tijd in jaren aan, gemeten vanaf de dag waarop de transplantatie plaats heeft gevonden. De gegevens zijn exclusief de gecombineerde transplantaties. Ook niet meegerekend zijn de mensen die zijn overleden terwijl hun ontvangen donorhart nog werkte.

De grafiek laat zien dat direct na een harttransplantatie circa 10 procent van de organen ophoudt met functioneren .Daarna neemt de overlevingskans steeds minder snel af. Gemiddeld functioneert 5 jaar na transplantatie nog 78 procent van de getransplanteerde harten.

Hart: deze grafiek laat zien dat 5 jaar na de transplantatie 78 procent van de transplantaten functioneert.

Overlevingscurve long

De verticale as geeft het percentage getransplanteerde organen weer dat goed blijft werken. De horizontale as geeft de tijd in jaren aan, gemeten vanaf de dag waarop de transplantatie plaats heeft gevonden. De gegevens zijn exclusief de gecombineerde transplantaties. Daarnaast zijn de mensen die zijn overleden terwijl hun ontvangen donorlong(en) nog werkte, niet meegerekend.

Deze grafiek laat zien dat 5 jaar na de transplantatie gemiddeld 66 procent van de getransplanteerde longen nog functioneert.

Long: deze grafiek laat zien dat 5 jaar na de transplantatie 66 procent van de transplantaten functioneert.

Wat betekent dit voor een individuele patiënt?

Het percentage goed werkende organen drie of vijf jaar na transplantatie geldt voor een groep patiënten in het algemeen. De kans van slagen van een individuele transplantatie kan daarom hoger of lager uitvallen dan het gemiddelde. Die individuele kans is namelijk afhankelijk van andere factoren zoals de leeftijd van de patiënt en diens staat van gezondheid voor de transplantatie. Daarnaast zijn weefselovereenkomsten tussen donor en patiënt van invloed. En bijvoorbeeld de leeftijd van de donor. De behandelend arts kan meer informatie geven over de individuele kans van slagen.

Praat met je arts

Patiënten adviseren we om hun arts om hulp te vragen bij het interpreteren van de grafieken. Een arts kan hulp bieden om de gegevens beter te begrijpen. Daarnaast kan een arts verklaren hoe andere factoren de gegevens beïnvloeden en of ze op de specifieke situatie van de patiënt van toepassing zijn.